
De feestdagen zijn voor veel Nederlands het moment om even lekker te genieten en een feestje te bouwen. Hoe heb jij deze dagen als wielrenster doorgebracht?
Van Koninginnedag hebben wij als team eigenlijk vrij weinig meegekregen omdat we op dat moment nog in Luxemburg zaten voor de wedstrijden daar. We besefte pas aan het einde van de middag dat het Koninginnedag was. We hebben er dus verder niets aan gedaan. De dagen daarna heb ik wel even voor mezelf gehad en ben een paar dagen niet op de fiets gestapt. De eerste dag vormde zich bij mij een soort schuldgevoel omdat ik gewend ben elke dag te fietsen. Gelukkig kon ik dat gevoel na een tijdje los laten en dan is het toch wel heel lekker om eens wat anders te doen.
Wat heb je gedaan in de dagen dat je de fiets even hebt laten staan?
Ik ben op donderdag met mijn zusje van 11 naar de musical Kruimeltje gegaan als cadeau voor haar. Het was erg leuk om te zien dat ze het helemaal geweldig vond. Zelf had ik het ook naar mijn zin en we hebben dan ook een hele leuke dag gehad. Ik ontving de volgende dag nog een telefoontje waarin ze nogmaals duidelijk maakte dat ze het heel leuk had gehad. Het is altijd fijn om te zien hoeveel plezier zoiets kan opleveren.
Je had het net over je jongere zusje van elf, jullie zijn in totaal thuis met zijn zevenen. Is het hele gezin zo sportief als jij?
Mijn ouders hebben zelf nooit aan wielrennen gedaan maar zijn wel erg sportief ja, net als de rest van het gezin. Mijn vader heeft gebokst en gevoetbald en mijn moeder deed aan softbal. Ook mijn zusjes en broertjes zijn actief op de sportvelden en in de sportschool. Mijn ouders moedigen dit ook aan want sport is goed voor een mens en zorgt ook voor een stukje ontwikkeling. De enige eis die mijn ouders stellen is dat we één sport tegelijk mochten beoefenen. Ook niet heel gek in een gezin met vier kinderen natuurlijk.
Hebben je ouders je ook aangemoedigd om te beginnen met wielrennen?
Eigenlijk ben ik daar een beetje ingerold. Ik ben ooit begonnen toen ik mij op een dag heel onschuldig in schreef voor de Rabo Dikke Banden Race en deze race won en mij plaatste voor de volgende ronde. De wedstrijd die volgde en de finale wist ik allebei te winnen waarmee ik een lidmaatschap bij een wielervereniging. Naderhand zeiden mijn ouders tegen mij: “Als jij wilt fietsen dan doe je dat toch gewoon?”. Toen is mijn carrière eigenlijk begonnen.
Had je in die tijd ook al direct een idool waar je naar op keek?
Nadat ik ben gaan fietsen keek ik wel direct op naar Leontien van Moorsel. Het is volgens mij wel gebruikelijk dat je fan bent van iemand die dezelfde sport beoefend als jij doet. Dat zie je ook bij jonge voetballertjes of tennissers en in mijn geval, dames wielrennen. Leontien is dan ook absoluut de persoon die er voor mij boven uit steekt. Als je alleen al kijkt naar de wedstrijden en de plakken die ze gewoon heeft, daar kan je alleen maar respect voor hebben.
Als we kijken naar de wedstrijden die jij in het verleden gewonnen hebt steken er een paar bovenuit. Wat is wat jou betreft het hoogtepunt?
Hoogtepunt is voor mij wel duidelijk, dat was de zege bij het EK in 2009. Dat was echt heel gaaf, zeker omdat ik solo over de streep ging. Na de wedstrijd was ik superblij en ontving ik veel leuke telefoontjes en kaarten. Ik heb goede herinneringen aan deze wedstrijd en hoop snel deze prestatie te evenaren.
Tegenover elk hoogtepunt staat ook een dieptepunt, zeker in de sport. Wat beschouw jij als jouw dieptepunt?
Dieptepunt heb ik, gelukkig, voor mijn gevoel nog niet echt gehad. Als wielrenster breek je wel eens wat maar dat heb ik nooit beschouwd als een dieptepunt. Ik heb een keer mijn sleutelbeen gebroken waarbij het bot verkeerd aan elkaar was gegroeid en het opnieuw gezet moest worden. Uiteindelijk ben ik ook nog geopereerd en kwam er een plaatje in. Vervolgens moest dit plaatje er ook weer uit gehaald worden wat er voor zorgde dat ik meerdere keren uitgeschakeld was voor één blessure. Dat zijn momenten dat je er wel van baalt, zeker als je bedenkt dat het kwam omdat ik voor een ronde nog even naar het toilet wilde en toen besefte dat ik nog maar weinig tijd had voordat de wedstrijd begon. Ik ben toen zo snel mogelijk richting de start gereden waarbij ik in botsing kwam met een andere renster en over de kop vloog en dus mijn sleutelbeen brak. Maar zulke momenten maken je wel weer sterker.
De komende periode is relatief rustig in vergelijking met de rest van het wielerseizoen. Hoe ziet de komende tijd er voor jou uit?
We gaan met het team komend weekend op trainingskamp in Maastricht en verblijven daar in het Van der Valk hotel. Dit is voor ons een bekende locatie aangezien we daar al een aantal keren eerder zijn geweest. Daarna is het hier en daar een criterium en wat rust. De eerste echt belangrijke wedstrijd wacht pas in juni. We hebben dus voldoende tijd om ons goed voor te bereiden op de tweede seizoenshelft waarin we hopelijk als team veel wedstrijden tot een goed einde weten te brengen.